Logo

Webible

//
11. Toen stond Manoach op, en ging zijn...

Rechters

Kapitola 13 : Verš 11

11 / 25

Toen stond Manoach op, en ging zijn huisvrouw na; en hij kwam tot dien Man, en zeide tot Hem: Zijt gij die Man, Dewelke tot deze vrouw gesproken hebt? En Hij zeide: Ik ben het.