Logo

Webible

//
2. Gij kent toch—want ik spreek niet t...

Deuteronomy

Поглавље 11 : Стих 2

2 / 32

Gij kent toch—want ik spreek niet tot uw zonen, die de straffen van Jahweh, uw God, niet hebben ervaren, en zijn grootheid, zijn sterke hand en gespierde arm niet hebben aanschouwd, —