Logo

Webible

//
8. [16:9] Want zij deed de klederen ha...

Judith

Поглавље 16 : Стих 8

8 / 25

[16:9] Want zij deed de klederen harer weduwschap uit, tot verhoging dergenen die benauwd waren in Israël. [16:10] Zij zalfde haar aangezicht met welriekende zalf, en had haar haar gebonden in een hulsel, en zij nam een linnen kleding, om hem te bedriegen.