Logo

Webible

//
16. En wanneer gij vast, toont geen dro...

Matthew

Поглавље 6 : Стих 16

16 / 34

En wanneer gij vast, toont geen droevig gezicht, gelijk de geveinsden; want zij mismaken hun aangezichten, opdat zij van de mensen mogen gezien worden, als zij vasten. Voorwaar, Ik zeg u, dat zij hun loon weg hebben.